In de spotlight

In de spotlight  door kapelaan Sebastian
 
 De openingsritus in de Eucharistie
“Als mensen de waarde van de Heilige Eucharistie wisten, dan zouden ze eraan deelgenomen hebben met een hart vol ijver”. – H. Thomas van Aquino.
“De heilige Eucharistie is de grootste gave van Jezus voor ons, omdat dit de bron van zegeningen in ons leven is”. H. Johannes Paulus II.
 
De bovenstaande woorden van twee bekende heiligen wijzen op het feit dat de Heilige Eucharistie iets heel bijzonders is. De Katholieke Kerk leert ons dat de Eucharistie het centrum is van het christelijke leven en tevens de vorm van gebed die leidend is in de Kerk. 
Een actievere deelname aan de Eucharistie is mogelijk als we de betekenis van de liturgische rituelen beter begrijpen. De volgende uitleg kan daarom mogelijk een hulp of gids zijn voor u om bewuster aan de Eucharistie deel te nemen:
 
De Eucharistie is verdeeld in een basisstructuur van 5 onderdelen:
1. Openingsritus, 
2. Dienst van het Woord, 
3. Eucharistisch gebed, 
4. Communieritus, 
5. Slotritus. 
 
1.Openingsritus
De openingsritus heeft de volgende onderdelen: 
Openingslied, kus op het altaar, begroeting door de priester, bewieroken, schuldbelijdenis, Kyrië en Gloria en openingsgebed.
 
a) Het doel van het openingslied:
Het doel is om de Eucharistieviering te beginnen. Om de eenheid van het volk van God te versterken en om de aandacht van de mensen te richten op het goddelijke mysterie van de Eucharistie. En om de priester met eerbied uit te nodigen als de vertegenwoordiger van Christus in de viering.
 
b) Kus op het altaar: 
De priester kust het altaar twee keer tijdens de mis, in het begin en aan het einde. Tijdens de Eucharistie vertegenwoordigt het altaar Christus. Het is dus een symbool van respect voor Christus.
 
c) Wierook: 
Tijdens de Eucharistie wordt het bewieroken vier keer gedaan: in het begin, vóór het Evangelie, aan het einde van het offerande en tijdens de Consecratie. Er zijn drie betekenissen voor de wierook: Het is het symbool van het tonen van onze eerbied voor God, het symbool van zuivering en dat van gebed. Net zoals de wierook omhoog gaat, zou ons hart zich tot God moeten verheffen.
 
d) Begroeting: 
De priester begint de mis in de naam van de Drie-eenheid met een kruisteken en begroet de mensen. In deze begroeting herinnert de priester de mensen aan de aanwezigheid van Christus in deze viering.
 
e) Schuldbelijdenis: 
Dit gebed is voor een waardige viering van de Eucharistie en de rite van schuld belijden wordt afgesloten met een gebed van absolutie van onze zonden / tekortkomingen (Moge de Almachtige God zich over u ontfermen….).
 
f) Kyrië en Gloria: 
Terwijl we dit bidden of zingen, loven we God en vragen we om Zijn genade. Het ‘Gloria’ is een traditioneel lied waarmee we God prijzen. 
 
g) Openingsgebed: 
Hier begint de priester met de woorden: ‘laat ons bidden’, waarmee hij de mensen eraan herinnert dat ze in de nabijheid van de Heer zijn en hen uitnodigt om samen met de priester te bidden. Na het gebed zeggen de mensen ‘Amen’. ‘Amen‘ is een Hebreeuws woord dat ‘het zij zo’ betekent. Hiermee geven de mensen dus aan dat zij zich de inhoud van het gebed tot iets van hen zelf hebben gemaakt.
 
2. Dienst van het Woord
Dit zijn de momenten dat God met Zijn volk gaat spreken. We hebben altijd lezingen uit zowel het Oude Testament als het Nieuwe Testament. Op zondagen en feestdagen zijn er drie lezingen, en er zijn twee lezingen op weekdagen. Als er drie lezingen zijn, dan is de eerste lezing normaal altijd uit het Oude Testament en de tweede lezing zal altijd uit het Nieuwe Testament komen, behalve uit de Evangeliën. De laatste lezing is altijd van een van de Evangeliën.
 
Lezing uit het Oude Testament
De lezing wijst naar het spreken van God door de voorvaders en profeten. De lezing uit het Oude Testament op zondag houdt altijd verband met het evangelie.
 
Lezing uit het Nieuwe Testament
Dit is het woord van God dat ons door de apostelen is gegeven.
 
Lezing uit het Evangelie
Het Evangelie is het woord van God voor ons door Jezus Christus. Het lezen van het evangelie heeft een bijzondere betekenis. Voor en tijdens het lezen van het evangelie wordt deze betekenis duidelijk door tekenen van respect door de priester. Bijvoorbeeld: de priester of een andere predikant bidt en bereidt zich hierdoor voor op het te lezen. Hij houdt de brandende kaarsen vast. Hij zwaait met wierook voor de tekst. De mensen staan gedurende deze tijd en de priester kust de Bijbel na het lezen. Dit zijn allemaal tekenen van respect, omdat Christus tot ons spreekt in het evangelie.
 
Tussenzang
Deze vindt plaats meteen na de eerste lezing. Dit is een (gezongen) reactie tot God door de mensen in de eucharistieviering die de tekst uit de heilige Schrift hebben gehoord.
 
Alleluja
Het Alleluja wordt gezongen vlak voor het lezen van het Evangelie. Het Alleluja wijst op de vreugde van de mensen die klaar zijn om de blijde boodschap van Christus te horen. ‘Alleluja’ is een Hebreeuws woord en betekent ‘looft de Heer’. Alleluja wordt niet gebruikt tijdens de Vastentijd.
 
Preek
De boeken in de Bijbel zijn geschreven in verschillende perioden en situaties. Na een tekst goed bestudeerd te hebben, interpreteert de priester of diaken de bijbel en legt de tekst uit in overeenstemming met de behoefte en de context van de gelovige gemeenschap.
 
Geloofsbelijdenis
Normaal gesproken wordt het Credo gebeden door de gelovige gemeenschap op zondagen, feestdagen en tijdens bijzondere diensten. Hiermee verkondigen de mensen in de kerk hun geloof in het openbaar. Het Credo bestaat uit drie delen: het eerste deel spreekt over de eerste goddelijke Persoon (God, de Vader) en zijn prachtige werk van de schepping; het tweede deel spreekt over de tweede goddelijke persoon, Jezus Christus en het mysterie van zijn werken van verlossing; het laatste deel spreekt over de Heilige Geest. Door de verkondiging van het Credo belijden we het ene en hetzelfde geloof in God.
 
Voorbeden
In de voorbeden getuigen we over ons besef van onze relatie met God. We bidden vanuit ons geloof voor alle mensen en hun noden en behoeften.
 
Het klaarmaken van het altaar
Het brood en de wijn.
Met het klaarmaken van de altaartafel worden brood, wijn en het water naar het altaar gebracht.. Jezus heeft ook dezelfde dingen gebruikt tijdens het Laatste Avondmaal. Soms brengen mensen andere gaven om te schenken aan de armen en de noden van de kerk. Mensen brengen deze geschenken vaak in een processie. Dit zijn de symbolen van de vrucht van de aarde en het werk van de menselijke handen. Waardoor het offer van de mensen wordt vergeleken met de opoffering van Christus voor de mensheid.
 
Vermenging van water in wijn
Tijdens de offerande brengt de misdienaar wijn en water. De priester mengt een druppel water met wijn. Hier vertegenwoordigt de wijn Christus en het water vertegenwoordigt de gelovigen. En de wijn symboliseert ook de glorie van God en het water de eenvoud van de mens. Door het mengen van water met wijn, leert de kerk dat de gelovigen deelnemen aan de goddelijke natuur en één worden met God.
 
Wierook over wijn en brood, en over het altaar
Deze handeling van de priester wijst op het feit dat de offers en gebeden van de gelovigen naar de hemel stijgen.
 
Wierook naar de mensen
Tijdens de Eucharistie viering wordt de wierook ook aan de mensen gegeven. Dit wordt gedaan omdat door het sacrament van de doop alle mensen deelnemen aan het koninklijk priesterschap van Christus. Het is dus een teken van eerbied aan de gelovigen.
 
Wassen van de handen
Met deze handeling vraagt de priester aan de Heer voor zijn innerlijke heiliging om de Eucharistie op een waardige manier te kunnen vieren. Tijdens het wassen van zijn handen bidt de priester daarom in stilte: “Neem alle schuld van ons af, Heer, maak ons ​​vrij van ongerechigheid”.
 
 
3. Eucharistisch gebed
Dit gebed is eigenlijk de kern van elke eucharistie viering. Het is een dankgebed voor alle heilswerken van God. De delen van het Eucharistisch gebed zijn als volgt:
 
a)  De Prefatie: In deze lofprijzing nodigt de priester de mensen uit om hun hart te verheffen met gebed en dankbaarheid aan God. In dit gebed worden de gelovigen herinnerd aan de heilswerken van Christus.
b)  Het ‘Heilig’ (Sanctus): Door het zingen of bidden van het Sanctus, prijzen de gelovigen samen met alle engelen en heiligen, God voor Zijn goedheid en genade. Normaal zeggen we in de liturgie drie keer ‘Heilig’. Omdat 3 het perfecte getal is in de Bijbel. Als we drie keer ‘heilig’ zeggen, verkondigen we God als perfect, het heilige der heiligen of het heiligste.
 
c) De Epiklesis: Dit is het griekse woord voor het gebed voor de komst van de Heilige Geest. Tijdens dit gebed vouwt de priester zijn handen, houdt ze uitgestrekt over de offergaven en bidt om de gaven te heiligen met de kracht van de heilige Geest. Daarna maakt de priester een kruisteken over brood en beker tezamen. De handen boven de offergaven houden is een symbool voor het neerdalen van de heilige Geest op het brood en de wijn, die veranderd zullen worden in het Lichaam en het Bloed van Christus.
 
d) Eucharistische woorden: De priester herhaalt dezelfde woorden van Jezus die hij tijdens het laatste avondmaal gebruikte. Op dit moment in de viering worden de woorden van Jezus letterlijk herhaald: NEEMT EN EET HIERVAN, GIJ ALLEN, WANT DIT IS MIJN LICHAAM, DAT VOOR U GEGEVEN WORDT. Vervolgens: NEEMT DEZE BEKER EN DRINKT HIER ALLEN UIT, WANT DIT IS DE BEKER VAN HET NIEUWE ALTIJDDURENDE VERBOND, DIT IS MIJN BLOED DAT VOOR U EN ALLE MENSEN WORDT VERGEVING VAN DE ZONDEN. BLIJFT DIT DOEN OM MIJ TE GEDENKEN. Hier vertegenwoordigt de priester Christus. Het herinnert ons er ook aan dat het hetzelfde offer van Jezus is dat we in elke eucharistie vieren en waarvan Jezus ons vroeg om het te blijven vieren. ‘BLIJFT DIT DOEN OM MIJ TE GEDENKEN’, 
 
e) Het mysterie van het geloof.
In dit deel van de eucharistieviering gebruiken we de volgende teksten / gebeden om het mysterie van het / ons geloof naar elkaar en naar Jezus uit te spreken:
 
1. Heer Jezus, wij verkondigen uw dood en wij belijden tot Gij wederkeert, dat Gij verrezen zijt.
2. Als wij dan eten van dit Brood en drinken uit deze Beker, verkondigen wij de dood des Heren, totdat Hij komt.
3. Redder van de wereld, bevrijd ons, Gij die ons hebt verlost door uw kruis en verrijzenis. 
 
Wanneer we een van deze teksten uitspreken, verklaren en getuigen we in feitevan de ontmoeting van de verrezen Christus en Maria Magdalena op Paaszondag. 
Net als Maria moeten we ons leven leiden met hoop op Christus. 
Christus is de weg; in hem vinden we alles. 
 
f) De anamnese en opdracht: Anamnese is een Grieks woord dat ‘herdenkingsoffer’ of ‘herinnering’ betekent. Door de mond van de priester willen wij het leven en het paasmysterie van Jezus (Zijn lijden, sterven en glorievolle wederkomst) herdenken. Met dat heilsgebeuren voor ogen schenken wij Jezus én onszelf aan de Vader.
 
g) De voorspraakgebeden In een nieuwe aanroeping (smeekbede) van Gods Geest vragen wij dat Hij neerdaalt over onze gemeenschap, zodat wij, vernieuwd door het lichaam en bloed van Gods Zoon, één lichaam worden en één zijn van Geest in Christus.
 
h) De slotdoxologie (‘Door Hem, met Hem en in Hem……’) Om het eucharistisch dankgebed te besluiten, richt de priester zich in naam van de gemeenschap tot de Vader. Hij wenst dat zijn Naam verheerlijkt wordt door, met en in Jezus, in de eenheid van de heilige Geest. Bij deze hulde sluiten allen zich aan door deze wens te beamen: “Amen”
 
 
4. De communiedienst
We vinden bij de communiedienst een aantal riten die de betekenis van communiceren dieper laat aanvoelen:
 
– Het Onze Vader
Het Onze Vader zou men kunnen beschouwen als het verlengde van het eucharistisch gebed. De verzamelde gemeenschap herneemt – met woorden van Jezus zelf – de belangrijkste dimensies van het groot dankgebed: de verheerlijking van de hemelse Vader, de bede om het brood van elke dag, de onderlinge vergeving.
 
– De vredeswens
De vredeswens is een belangrijk gebeuren op de drempel van de communie. Deze wens wordt ingeleid door een kort gebed waarin eraan herinnerd wordt dat wij alleen van de verrezen Heer de echte vrede kunnen verwachten. De vrede die hier uitgedrukt wordt, komt immers niet van onszelf: ze is het eerste paasgeschenk van Jezus. Wij krijgen de opdracht om ze voor elkaar ervaarbaar te maken. Het is zijn vrede die we nu aan elkaar mogen toewensen: zij bloeit open in onderlinge eenheid en verzoening.
 
– De breking van het brood 
De broodbreking is een hoogtepunt in de hele eucharistie, met een groot symbolisch gewicht. Het plechtig breken van
het brood maakt duidelijk dat wij, die met velen zijn, één lichaam worden, omdat we deel hebben aan het brood dat Christus zelf is. De Christus die we tot ons nemen is “de Dienaar gebroken om onze zonden”. Daarom zingt de Latijnse liturgie als brekingslied het Lam Gods, verwijzend naar Christus, het “paaslam dat voor ons geslacht” is. In diezelfde schroom voor het Lam toont de priester vervolgens het eucharistisch brood, waarop de gemeenschap antwoordt: Heer, Ik ben niet waardig …
 
– De communie aan Christus en aan elkaar 
Alle gelovigen worden uitgenodigd tot de persoonlijke ontmoeting met Christus in het eucharistisch brood (en de beker met wijn). De Heer komt nu zelf naar ons toe, wil voedsel zijn voor onze levensweg, geeft zich aan ons opdat wij meer op Hem zouden gaan gelijken: opdat wij zelf het Lichaam van Christus zouden worden dat we nu ontvangen. Maar de communie voert ons ook tot onze broeders en zusters met wie wij samen dat het éne lichaam van Christus vormen, de éné Kerk van Christus. 
 
– Ruimte voor stil gebed of voor een lofzang 
Na het uitreiken van de communie wordt een wat langere tijd voorzien voor gebed en overweging in stilte. De aanwezigen krijgen de kans om de ontvangen genade in zich op te nemen en diep te laten doordringen. Men kan ook een psalm, een lofzang of een hymne zingen.
 
– Gebed na de communie
Zoals de intredeprocessie en de processie met de gaven naar het altaar, wordt ook de communieprocessie besloten met een gebed. De priester vat samen, verwijst naar de deelname aan de maaltijd. Vaak is deze verwijzing verbonden met een terugblik op de woorddienst. Hiermee wordt de overgang gemaakt naar de toekomst: het leven van elke dag waartoe wij in deze maaltijd de kracht ontvingen.
 
5. SLOTRITUS
 
a) Zendingswoord
De eucharistie breekt open naar buiten: ze wordt missionair. Elke deelname aan de eucharistie is een nieuw engagement tot eenheid in gezin, verenigingsleven, school, buurt, parochie, werksituatie, religieuze communiuteit, in de priestergemeenschap, het bisdom, de Kerk … Gevoed door het eucharistisch brood binden we de strijd aan met ons tekort aan rechtvaardigheid en verdraagzaamheid, aan eerlijkheid en liefde. Bij Jezus putten we durf en moed om van ons geloof te getuigen, en om “ja” te antwoorden op zijn vraag om als waarachtige christenen te leven. 
b) Zegen 
Omwille van Christus’ dankoffer en het onze, zal de Vader ons nu door de heilige Geest licht en kracht geven. Daartoe geeft de priester Gods zegen, terwijl allen een kruisteken maken.